Vleeskleurige orchis

Vleeskleurige_orchis (Dactylorhiza incarnata)

Het blad van de Vleeskleurige orchis is ongevlekt, lang en smal, kielvormig gevouwen en aan de top bijeengeknepen. De onderzijde is glanzend.
De bloemen zijn klein en staan in een dichte, lange tros. Ze variëren in kleur van licht vleeskleurig tot purperrood. De onderlip is smal en diep 3-lobbig, de zijranden zijn naar achteren gevouwen. De middelste lob is langwerpig en nagenoeg even breed als de zijlobben. De zijslippen wijzen omhoog (zijwaarts bij de Rietorchis). De spoor is plomp en kort. De stengel is hol.
De vleeskleurige orchis bloeit van juni-juli. De hoogte varieert van 0,20 tot 0,50 m.
De variëteit Dunensis (duinorchis) is klein en gedrongen, met breder blad.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - Vleeskleurige_orchis
familieOrchideeënfamilie (Orchidaceae)
info familieLeden van deze familie hebben bladen met een gave rand, ze zijn meestal lancetvormig, aan de voet vaak stengelomvattend.
De bloemen staan in aren, trossen of pluimen.
De bloemen zijn symmetrisch, ze hebben 6 kroonblaadjes en zijn vaak opvallend gekleurd.
Vijf van de zes kroonblaadjes zijn vaak naar elkaar toegebogen en vormen zo een soort helm, het zesde blaadje staat apart, is groter dan de overige blaadjes en wordt lip genoemd. Deze lip loopt vaak uit in een spoor.



Bij de inlandse orchideeën zijn de stijl, de stempel en 1 meeldraad zonder helmdraad, dus alleen een helmknopje, vergroeid tot een zuiltje. Het helmknopje bestaat uit twee hokjes en zit meestal voor de stempel.
In de hokjes zit het stuifmeel in de vorm van een klompje. Deze stuifmeelklompjes hebben een steeltje. Het einde van dit steeltje is weer vergroeid met een snaveltje (rostellum). Een deel van dit snaveltje is veranderd in gom of in een paar kleefschijfjes. De stuifmeelklompjes groeien hieraan vast. Soms liggen de schijfje bloot, bv. bij de Muggenorchis. Bij andere geslachten ligt ieder schijfje weer in een napje. Ook kunnen beide schijfjes in 1 napje liggen.

Onder de stempelplek ligt bij vele soorten de ingang tot de spoor waar de honing bewaard wordt. Bij sporenloze orchideeën ligt de honing op de onderlip.

Als nu een insect, op zoek naar de honing, tegen de kleefschijfjes aankomt, dan plakken deze inclusief de stuifmeelklompjes vast op de kop van het insect. Is er een beursje, dan klapt dit bij aanraking terug en komen de kleefschijfjes bloot te liggen en kunnen ze vastplakken op de kop van het insect. De steeltjes van de klompjes staan dan rechtovereind op de kop van het insect. Na een paar seconden, net genoeg voor het insect om een volgende bloem te vinden, buigen de steeltjes door en kunnen het stuifmeel overbrengen op de bloem waar het insect zich inmiddels bevindt.

Oorspronkelijk bloeiden orchideeën met de lip naar boven gericht. Dit bleek onhandig voor de insecten die op hun kop op de lip moesten landen om bij de honing te kunnen. De evolutie heeft dit gecorrigeerd door het onderstandige vruchtbeginsel een halve slag te draaien - de bloem, die in de knop nog naar boven is gericht - wordt nu bij het openen gedraaid.



De andere twee binnenste bloemdekblaadjes zijn meestal ongeveer gelijk van vorm met de drie van de buitenste krans. Soms vormen ze samen met de bovenste van de buitenkrans een soort helm boven de stempelzuil.
Orchideeën leven in symbiose met bodemschimmels die de wortels binnendringen. Het heeft dan ook geen zin om orchideeën uit te graven voor in de tuin: ze zullen het niet overleven.
geslacht Handekenskruiden (Dactylorhiza)
info geslacht De Handekenskruiden (Dactylorhiza) danken hun naam aan hun ondergrondse knollen. Deze lijken op een hand met een aantal vingers.
De kleur van de bloemen varieert van paarsachtig tot lichtroze (vrijwel wit).

Het geslacht van de Handekenskruiden kent een aantal soorten met tal van bastaarden en tussenvormen. Hierdoor en omdat de geleerden er nog niet helemaal uit zijn wie bij wie en waar hoort, is determinatie van de Handekenskruiden een lastige opgave.

rietorchis vs vleeskleurige orchis

De buitenste 2 zijdelings bloembladen staan als ′juichende armpjes′ omhoog.

- De zijkanten van de lip zijn vaak teruggebogen. Vegetatieve delen heldergroen.

vleeskleurige orchis kenmerken

Vleeskleurige orchis (D. incarnata)

  • De lip is even lang als breed, 5-8 mm lang.
  • Middelste stengelblad vaak de onderste bloemen bereikend, onder het midden het breedst.
  • Bloemen donkerpaars, roze of zwak geelachtig roze (vleeskleur).
  • Honingmerk bestaat uit fijne stipjes en lijntjes, begrensd door een fijne, vaak ononderbroken hartvormige lijn.
  • Blad zelden gevlekt.
In de duinen komen kleine, gedrongen vormen met brede bladeren voor (D. incarnata var. lobelii - Vleeskleurige duinorchis)

De Steenrode orchis (D.incarnata subsp coccinea) onderscheidt zich vooral door de dieprode kleur. Blad relatief lang en ongevlekt. De bloeitijd valt later.
De soort wordt vooral op de Britse eilanden gevonden, maar is in 2009 ook in Nederland gevonden

Dactylorhiza majalis

rietorchis kenmerken
  • De lip is breder dan lang, 9-14 mm lang.
  • Middelste stengelbladen de bloem vaak niet bereikend, in het midden het breedst.
  • Bloemen donkerpaars tot licht roodpaars.
  • Honingmerk bestaande uit lusvormige, deel onderbroken lijnen en met stipjes, of alleen stipjes.
  • Blad gevlekt of ongevlekt.
D. majalis kent een aantal ondersoorten.
  • Brede orchis (D. majalis subsp. majalis)
    • het blad staat schuin af, ongeveer in een hoek van 45 graden ten opzichte van de stengel.
    • Het blad is 3-4x zo lang als breed (de onderste en bovenste niet meegerekend).
    • Weinig tot zeer veel vlekken. De vlekken zijn gevuld.
    • De lip heeft vaak een grote middenlob, ongeveer even groot als zijlobben.
    • De bloemkleur is donkerpaars, zelden wit.
    • Bloeit vroeg begin mei - begin juni
  • Rietorchis (D. majalis subsp praetermissa)
    • Blad vrij stijf rechtopstaand, hoek kleiner dan 30 graden
    • 4-6x zo lang als breed, 1.5-5 cm breed
    • Het blad is ongevlekt of heeft in de onderste helft ringvormige vlekken en in de bovenste helft kleinere, gevulde vlekken.
    • Lip meestal met brede zijlobben en kleine middenlob.
    • Bloem licht paarsrood of roze.
    • Bloeit van begin juni tot half juli
      • Gevlekte rietorchis (D. majalis subsp praetermissa var junialis)
        • blad met ringvormige vlekken
        • onderlip met duidelijk honingmerk
      • Ongevlekte rietorchis (D. majalis subsp praetermissa var praetermissa)
        • Blad ongevlekt
        • Vooral in rietland
  • Veenorchis (D. majalis, subsp. sphagnicola).
    • Blad 1-3 cm breed, stengelbladen ongevlekt.
    • Lip met fijne, donkerroze puntjes, soms ook streepjes.
    • Groeit in hoogveen
  • Purperrode orchis (Dactylorhiza purpurella - Northern Marsh Orchid)

    De orchidee valt op door de intense warme magenta tot roodpaarse kleur.
    • grootte van 25 tot 45 cm.
    • De stengel is dik en hol, groen van kleur, maar naar de top verlopend naar vaalpaars.
    • De plant heeft 4-8 bladen, ze zijn geelgroen, relatief breed, staan schuin omhoog en hebben soms een paarsachtige rand. Ze staan in 2 rijen aan de stengel en zijn knoopachtig aan de stengel gehecht, waardoor de bladeren dicht op elkaar staan.
    • Het blad heeft over het algemeen geen vlekken. De lagere bladen, die ook het langst zijn, zijn 16 cm lang.
    • De bloeiwijze is compact en dicht. Er zijn meestal zo′n 10-40 bloemen, maar het aantal kan oplopen tot 80.
    • De kleur van de bloemen is donkermagenta tot dieppaars, de keel is bleker. Er komt echter ook een lichtere variant voor, deze heeft soms wat vlekjes aan de bladtop.
    • De bloemen zijn 1,5-2 cm groot. De lip heeft een ′wybertjes′-vorm en donkerder paarse lijnen en vlekken. De vleugels vormen een hoek van 45 graden. De 3 bovenste bloemdekbladen vormen een losse kap over de stempel.
    • De dikke, naar beneden gerichte spoor is korter dan het purper-groene vruchtbeginsel.
    Habitat:
    Deze orchidee is te vinden in vochtige, kalkrijke tot licht zure gebieden, zoals moerasachtig gebied, oevers, klifs, duinvalleien en soms open bosgrond. Op Schiermonnikoog.
    Bloeitijd: Mei tot laat in juli.

De buitenste 2 zijdelingse bloembladen staan min of meer horizontaal of wijzen iets omhoog.

  • De zijkanten van de lip zijn niet of slechts weinig teruggebogen.
  • Bloemkleur licht lila tot witachtig et donkerpaars honingmerk.
  • Blad bijna altijd gevlekt, vlekken nooit ringvormig.
  • Vegetatieven delen grijsgroen.
Bosorchis (D. maculata subsp. fuchsii)
  • onderlip diep 3-lobbig. Middelste lob langwerpig en ongeveer even breed als de zijlobben.
  • Onderste stengelblad boven het midden het breedst, stomp.
  • Blad van onderen glanzend.




-- Gevlekte orchis (D. maculata subsp maculata)

De Gevlekte orchis verschilt weinig van de Bosorchis. Het belangrijkste verschil is de groeiplaats. De Gevlekte heeft een voorkeur voor zure heidegrond en moerasheide.

  • De plant wordt 10-25 cm hoog.
  • De donkere vlekken op de bladeren zijn solide en ronder van vorm.
  • De bloemtros is rond of pyramidevormig en draagt 5-20 bloemen.
  • De bloemkleur is witachtig tot bleekpaars. De lip is witachtig paars en heeft een fijn patroon van donkere paarse stippen en onderbroken lijnen.
  • Er zijn drie lobben met smalle inkepingen, de zijlobben zijn veel groter dan de centrale lob.
  • De bloemen geuren vaag.
  • De spoor is tot 3/4 keer zo lang als het vruchtbeginsel.
Habitat Grasland (heischraal grasland, blauwgrasland, hooiland en zandige opduikingen in poldergrasland), bermen, langs spoorwegen, heide, moerassen (veenmosvegetaties, veentjes in de buurt van zandverstuivingen en moerassen met kwel van basenrijk water), waterkanten (langs vennen, turfgaten, sloten en greppels), tichelgaten, zeeduinen, drooggevallen zandplaten en bossen. Bloeitijd van half mei tot juli.

Dactylorhiza viridis



De Groene nachtorchis (D. viridis) heeft een zakvormig spoor, dat veel korter is dan het vruchtbeginsel. De lip heeft rechte zijden, de top is 3-tandig. De bloemkleur is groenachtig geel.

Alle andere hebben een buisvormig spoor dat ongeveer even lang is als het vruchtbeginsel. De lip is rondachtig of 3-lobbig.

naam Vleeskleurige_orchis (Dactylorhiza incarnata)
waar moerassen
bloei eind mei - half juni
kleur licht tot donker vleeskleurig tot purperrood
blad lang, smal en sterk omhooggericht, kielvormig gevouwen en aan de top kapvormig dichtgeknepen, ongevlekt
vrucht doosvrucht