Vlier (Sambucus nigra)

Vlier


De (gewone) vlier is een struik die bloeit met geelwitte bloemen in grote schermen. De bloemtros is plat en heeft 4-5 hoofdvertakkingen. Het blad is regelmatig oneven geveerd. Het vruchtbeginsel is driehokkig. Oude planten ontwikkelen zich tot vrij hoge bomen met dikke stammen.
De vlier is een van de drie pioniersstruiken in de duinen (samen met meidoorn en kardinaalsmuts). Van de vruchten wordt jam, vruchtensap en jenever gemaakt. De gedroogde bloesem wordt ook vaak voor thee gebruikt.
Ook trekkende zangvogels, zoals nachtegalen, roodstaartjes, grasmussen, spreeuwen en lijsters, zijn dol op de bessen. Vandaar dat de plantjes ook op de vreemdste plekken kiemen (bijv. in dakgoten of op oude knotwilgen).
Op oude vlieren vind je vaak Judasoor, een zwarte, kraakbeenachtige, oorvormige zwam.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - Vlier
familieMuskuskruidfamilie (Adoxaceae)
info familie-
geslacht vlier (Sambucus)
info geslacht -
naam Vlier (Sambucus nigra)
waar vochtige tot droge, stikstofrijke, vaak omgewerkte grond in heggen en lichte bossen, op kapvlakten, in aanspoelselgordels, op drooggevallen platen; duinen
bloei juni - augustus
kleur wit, lichtgeel
blad eirond-elliptisch, gezaagd, dofgroen
vrucht zwarte bes