Lork (Larix decidua)

Lork


De Larix of Lork heeft een kegelvormige kroon en vele, afhangende takken. Sommige zijn bezet met alleenstaande, spiraalsgewijs geplaatste naalden, andere hebben zeer korte zijtakjes waarop een bundel van meer dan 20 naalden zit.
De jonge twijgen zijn geelgrijs en kaal.
Naalden in het najaar bruin. De zaadschubben staan rechtop.
De Japanse lork (Larix lepiolepis) heeft roodachtige of paarse, behaarde jonge twijgen. De najaarskleur van de naalden is goudgeel.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - Lork
familieDennenfamilie (Pinaceae)
info familieDe dennenfamilie omvat meer dan 200 soorten. Deze familie komt vooral voor in de koele, noordelijke streken en vormt daar uitgestrekte bossen. Deze bomen hebben verspreid staande naaldvormige schubben. Per schub zijn er twee zaden. Anders dan de twijgen van de Taxusfamilie worden de twijgen van de dennen al na enkele maanden bruin. De zaden zitten in kegels.
geslacht Lork (Larix)
info geslacht Kenmerkend voor dit geslacht zijn de in de herfst afvallende naalden. De naalden staan in bundels van meer dan 5 bij elkaar.
naam Lork (Larix decidua)
waar aangeplant in bossen
bloei april - mei
kleur mannelijke bloem katje, vrouwelijke bloem zaadschub (geen vruchtbeginsel)
blad alleenstaande of in bundels van meer dan 20 geplaatste naalden
vrucht kegels van niet-teruggebogen schubben