Kegelsilene

Kegelsilene (Silene conica)

De Kegelsilene herken je aan de 20- tot 30-nervige kelk. De nerven zijn niet met elkaar verbonden, zoals bij de Blaassilene waar de nerven een ruitjespatroon vormen.
Ook de bovenaan beklierde stengel is kenmerkend.

De bloemen van de Kegelsilene zijn bleekroze tot paarsrood of wit. De kroonbladen zijn iets ingesneden. Ze steken weinig uit de kelk naar buiten. De kelk is stevig en groen of roodbruin gekleurd. De vorm ervan is kegelvormig, het oppervlak is sterk geribd (30 nerven). Bij het openspringen bolt de kelk op. De kelkslippen zijn smal driehoekig.
Kenmerken van het geslacht Silene  (Silene) waartoe Kegelsilene behoort.

De naam is afkomstig uit de Griekse mythologie: naar de vaste metgezel en opvoeder van Dionysus, Seilenos of Silen. Dit was een satyr, een levenslustig boswezen, met een bokkenstaart en soms ook bokkenoren en -poten. De satyrs houden van alle goede dingen van het leven, en met name van de wijn. Ze zijn derhalve nogal dikbuikig. En daarin lijken de planten van het geslacht Silene op de satyrs.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - kegelsilene
familieAnjerfamilie (Caryophyllaceae)
info familieKenmerken van planten van deze familie zijn een duidelijk gelede stengel en kruiswijs staande enkelvoudige bladeren. De bloemen staan in tweearmige (gevorkte) bijschermen, waarvan de onderdelen vaak éénarmig worden. De kelk is vergroeidbladig, vijftandig, de kroon is eveneens vijfbladig, er zijn tien meeldraden (soms vijf). De stamper bestaat twee tot vijf vruchtbladen. Er zijn evenveel stijlen als vruchtbladen. Het vruchtbeginsel is bovenstandig, éénhokkig, met centrale zaaddrager.
naam kegelsilene (Silene conica)
waar zandgrond, in de duinen
bloei mei - juli
kleur kroonbladen iets ingesneden, omgekeerd-hartvormig, bloemkroon klein, magenta
blad middelste en bovenste bladeren langwerpig tot lijnvormig, onderste gesteeld, bovenste niet
vrucht doosvrucht langwerpig-eirond, sterk oppgeblazen bij het openspringen