Heermoes (Equisetum arvense)

Heermoes


Ooit, vele miljoenen jaren geleden, groeide de heermoes meters hoog, er liepen toen nog dinosaurussen rond. Dat moet een bijzonder landschap zijn geweest, met deze torenhoge sporenplanten. Vreemd eigenlijk dat deze bijzondere oerplant nu een vaak onopgemerkt onkruid langs wegen en op akkers is.
In het voorjaar verschijnt eerst de vruchtbare stengel, deze heeft geen zijtakken. De stengel is geleed, op de knopen bevinden zich een soort primitieve bladeren, ze zien eruit als schubjes en zijn vergroeid tot een kokertje. De kokertjes hebben 6 of meer gelijke tanden. In de top zit een soort aartje dat bestaat uit gesteelde schildjes. Onder aan de schildjes zitten de sporendoosjes. De sporen hebben vier springdraden. De kleur van de stengel is geelachtig. De stengel verdort als de sporen weg zijn.
De onvruchtbare stengels hebben kransen van zijtakken die ontspringen aan de knopen, ook op deze stengels zit op de knopen een krans van schubben.
Ook de zijtakken zijn geleed.
De Heermoes lijkt erg op de Lidrus. Een verschil zie je als je de stengel doorsnijdt. In doorsnede heeft de stengel van Heermoes een grote opening met een aantal kleine openingen er omheen, de Lidrus heeft juist een klein middengat en grote gaten er omheen.
Een ander verschil zie je als je de lengte van de koker van de stengel vergelijkt met de lengte van het onderste lid van een zijtak. Bij de Heermoes is het onderste lid van de zijtakken veel langer dan de koker (schede), bij de Lidrus is het onderste lid van een zijtak juist korter. De zijtakken van de Lidrus zijn hol, die van de Heermoes gevuld.
En verder zijn de tanden van de schede van de Heermoes vuilbruin met een smal vliezig randje, die van de Lidrus zwart met een brede, witte rand.
Heermoes is een taaie overlever, getuige ook zijn ouderdom. In de tuin is het een ramp, want het woekert en is bijna niet uit te roeien. Het wordt niet voor niets ook akkerpest genoemd.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - Heermoes
familiePaardenstaartfamilie (Equisetaceae)
info familie-
geslacht Paardenstaart (Equisetum)
info geslacht Paardenstaarten zijn, net als varens, sporenplanten. In de oertijd konden ze uitgroeien tot een soort bomen. De planten hebben een wortelstok waaruit bovengrondse stengels oprijzen. De stengel is geleed en heeft overlangse strepen of groeven. Op elke knoop - de grens tussen 2 leden - zit een krans van schubben in plaats van bladeren. Deze schubben zijn min of meer vergroeid en vormen zo een kokertje (schede) rond de knoop. Soms ontspringen uit de knoop ook zijtakjes. Deze zijn hetzelfde gebouwd als de hoofdstengel. De sporendoosjes zitten onder aan gesteelde schildjes aan de toppen van de stengel. Ze vormen een soort aartje.
naam Heermoes (Equisetum arvense)
waar onkruid langs wegen, tussen gras, op zandakkers
bloei mei-juni
kleur -
blad schubben rond de knopen,
vrucht sporendoosje