Nachtegaal

Nachtegaal (Luscinia megarhynchos)

De nachtegaal is vooral bekend door zijn zang. De mooiste zangers hebben vaak het onopvallendste uiterlijk. Zo ook de nachtegaal, met warmbruine bovendelen en grijzige onderzijde. De nachtegaal is vooral te vinden in dichte braam- of duindoornstruwelen met brandnetels in bosranden en houtwallen.
Als de andere vogels reeds zwijgen zingt de nachtegaal nog onverdroten door tot soms diep in de nacht. Hieraan heeft de vogel ook zijn naam te danken. Ook zingt de nachtegaal door tot nog laat in de zomer. Er zijn minder vrouwtjes dan mannetjes en veel mannetjes hebben meerdere vrouwtjes, de overgeschoten mannen zingen dus maar door, in de hoop dat zich nog een vrouwtje aandient.
Kenmerken van het geslacht Lijsters  (Turdidae) waartoe Nachtegaal behoort.

Lijsterachtigen eten voornamelijk insecten, spinnen, slakken en andere ongewervelde diertjes, maar ook wel fruit. De vogels hebben een goed ontwikkeld zangorgaan.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - nachtegaal
familieZangvogels (Passeriformes)
info familieTot deze groep behoren meer dan 5000 soorten. Kenmerkend zijn de tenen, waarvan er drie naar voren en één naar achteren wijst. Door de plaatsing van de tenen op deze wijze kunnen de vogels neerstrijken op verticale oppervlakken. Door een speciale pees die van onder de teen naar de tibiotarsus (bot in de poot) loopt. Bij het buigen van de poot wordt deze pees aangetrokken, zodat de voet omkrult en bewegingloos wordt. Zo kunnen de vogels zelfs op dunne takken of bijvoorbeeld telefoondraden slapen zonder om te vallen. Een tweede kenmerk is het met bijzondere spieren uitgerust zangorgaan, waardoor deze vogels over een enorme variëteit aan klanken kan beschikken.
naam nachtegaal (Luscinia megarhynchos)
waar bos, duinen, struweel, broedt in struikgewas
wanneer zomervogel, vrij talrijk broedend, doortrekker
meest opvallende kenmerken onopvallend kleed, te herkennen aan de beroemde zang,
verenkleed staart en stuit roodbruin, snavel slank (als merel), oog groot en zwart
snavel, poten, staart bovendelen warmbruin, onderzijde grijsbruin met iets lichtere keel