Ruwe berk (Betula pendula)

Ruwe berk


In Nederland komen 2 berkensoorten voor: de Ruwe berk en de Zachte berk.
De Zachte berk heeft beharing aan de onderzijde van het blad in de nerfoksels en ook op de twijgjes, ze is kleiner dan de Ruwe berk en de schors is gladder.

Kenmerkend voor berken is de stam die bedekt is met een witte, vaak gebarsten leerachtige kurklaag. Deze laag vernieuwt zich voortdurend, de oude laag komt in lange banen los van de stam. In oude tijden werden deze repen, die zeer sterk zijn, voor tal van dingen zoals bijvoorbeeld dakbedekking, kano&prme;s of schoeisel gebruikt.
Onder de schors bevindt zich het geneeskrachtige berkensap. br />
Berken dragen katjes. Deze zijn eenhuizig. De mannelijke katjes zijn langer dan de vrouwelijke katjes en hangen aan het eind van de twijgen. De vrouwelijke katjes staan aanvankelijk rechtop. Ze staan zij aan zij met de blaadjes aan de twijgen. Later gaan ook de vrouwelijke katjes hangen.
De berk produceert heel veel kleine vruchtjes. Deze zijn gevleugeld. De vruchtjes liggen tussen schutblaadjes die teruggekromde zijslippen die tegelijk met de vruchtjes af. De grond ligt er soms bezaaid mee!

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave met beschrijvende tekst

SPECIFICATIES - Ruwe_berk
familieBerkenfamilie (Betulaceae)
info familieBomen of heesters. De mannelijke bloemen hangen in katjes, de vrouwelijke bloemen staan in rechtopstaande katjes. Tot dit geslacht behoren Betula (berken), Alnus (elzen), Carpinus (haagbeuken) en Corylus (hazelaar)
geslacht Berken (Betula)
info geslacht Bladrand dubbel gezaagd, bladvoet hartvormig. Merg van de 2-jarige twijgen in verse toestand groen. Merg op dwarsdoorsnede afgeplat. Twijg ook op uiteinde rond. Bladsteel tot 3 cm lang. Knoppend zittend.
naam Ruwe_berk (Betula pendula)
waar op droge tot vochtige, zure tot matige voedselrijke grond in loof- en naaldbossen, op houtwallen, heiden, langs vennen, op droge duinhellingen enz.
bloei april-mei
kleur mannelijke en vrouwelijke katjes, de mannetjes zijn langer en zitten aan de uiteinden van de twijgen. De vrouwelijke katjes zitten zij aan zij met de blaadjes aan de takjes, ze staan eerst nog rechtop, later gaan ze ook hangen
blad opvallend driehoekig, rand onregelmatig getand en gezaagd. Jong kleverig van de hars
vrucht kleine nootjes met 2 vleugeltjes.